B.S.M.-de Jong ® 
Wat is B.S.M. -de Jong ?

De B.S.M.-de Jong® is een Nederlandse methode die ontwikkeld is door mevrouw J.J.E. de Jong-Koutstaal. In verband met de ernstige dyslexie van mijn eigen zoon ben ik met deze methode in aanraking gekomen. Na een jarenlange studie en stages heb ik sinds 1995 een eigen praktijk.

De B.S.M.-de Jong® is een methode die bij leer- en ontwikkelingsstagnaties zoekt naar de lichamelijke oorzaak.
De oorzaken kunnen heel divers zijn.
Met name wordt er gekeken naar de prikkelverwerking van de zintuigen.
Onze oren vangen geluid op. Dit geluid (trillingen) wordt geleid naar de “hoor-hersenen”, van hieruit wordt er gezeefd wat er met dat geluid gedaan moet worden, b.v. iets pakken, dan moet er dus weer een signaal van deze hersenen naar de handen gaan om het voorwerp te pakken. Normaal gaat dit onnoemelijk snel en wordt over het algemeen aangenomen dat men dit ook snel kan. Helaas is dit niet altijd zo en hebben kinderen een “vertraagd” verwerking van het gehoor. Vooral een verhaal volgen is voor zo’n kind soms een drama, want het verhaal wordt een mengelmoes van klanken. Het gevolg is dat zo’n kind naar buiten gaat zitten kijken of andere dingen gaat doen. Dit is voor de juf vaak een teken om te zeggen dat het kind zich niet kan concentreren of niet is geïnteresseerd.
Bovenstaande uitleg geldt ook voor de ogen. Hier kan men ook een vertraagde verwerking hebben, ze zullen dan b.v. snel struikelen, tegen dingen aanlopen, het zijn vaak de zogenoemde “brokken piloten”.
Het onderzoek

Het onderzoek bestaat uit twee delen.
Het eerste deel bestaat uit een gesprek met de ouders. Het kind kan dan wat spelen of lezen. De onderwerpen die ik met de ouders bespreek zijn:

  1. de zwangerschap
  2. de bevalling
  3. de ontwikkeling van het kind
  4. erfelijke factoren

 

Het doel van de vele vragen die aan u gesteld worden, is te achterhalen hoe of:

    1. de prikkelgeleiding gaat. Deze is belangrijk in het snel kunnen verwerken van wat men hoort en/of ziet
    2. de stofwisseling gaat. De uitwisseling van bepaalde stoffen op celniveau
    3. endocrinologische aspecten verlopen. Dit is de leer van hormoonafscheidende klieren
    4. de voeding is, dit om te achterhalen of het kind de juiste vitaminen en mineralen naar binnen krijgt.

In het tweede deel wordt het kind nader bekeken.
Eerst ga ik via de bioptor (meetinstrument voor de ogen) kijken hoe of de beelden die de ogen opvangen, in de hersenen worden verwerkt. Ook is er de mogelijkheid om een gehoortest af te nemen via een audiometer. Dit is een geijkt apparaat waarmee alle toonhoogten gemeten worden Hoe gek het ook klinkt, soms hebben kinderen last van een tegoed gehoor, ook komt vaak voor dat ze te langzaam verwerken van wat ze horen.
Onze spraak bestaat uit verschillende toonhoogten. Met de audiometer kunnen alle toonhoogten gecontroleerd worden of uw kind deze goed hoort. Sommige kinderen horen hoge klanken tot wel 20 dB tè goed, terwijl de wat lagere klanken een verlies laat zien van 20 dB. Tussen de ene (hoge) toon en de andere (lage) toon ligt dan een verschil van 40 dB. Dit geeft heel veel onrust in het verstaan. Bij voorbeeld: u zegt het woord “pas”. De “s” is een hoge klank en die hoort het kind te goed ten opzichte van de lage “as” klank. Die hoge klank heeft dus de overhand op de lage klank. Het kind registreert dan “sap” i.p.v. “pas”.
Als een kind te langzaam verwerkt van wat hij hoort, heeft hij problemen om de betekenis van het woord direct te koppelen aan het woord. Ga je dan veel woorden achter elkaar zeggen, zoals in een verhaal, kan hij/zij dat niet bijhouden en worden de woorden een klankenmengelmoes.

Dit probleem kan zich ook voordoen bij de ogen. Als een kind te langzaam verwerkt van wat hij/zij ziet zal hij/zij veel vallen/struikelen. Ook zie je vaak dat ze ‘onhandig’ zijn, vaak een glas omstoten of tegen iets aanlopen.

Een scheefstand in de nek- of  ruggenwervels, hoe klein ook, heeft gevolgen voor de persoon in kwestie. De zenuwen die tussen de wervels uittreden kunnen door een scheefstand gehinderd worden in hun functioneren.
Het vallen van de trap, je hoofd erg hard stoten, vallen van de commode of uit een kinderstoel zijn allemaal voorbeelden waardoor een kleine scheefstand kan ontstaan. Dit kan gecorrigeerd worden door middel van een cranio sacrale behandeling en/of de Dorn Methode.
Tevens kan dan bij de  Cranio Sacrale behandeling gevoeld worden of de vliezen soepel zijn en of het hersen/ruggenmergvocht goed kan doorstromen. Dit is belangrijk om te achterhalen of de hersenen goed van voeding voorzien wordt, de zenuwen hun boodschappen goed kunnen doorgeven en de doorbloeding goed gaat.

Belangrijk is het om te weten wat uw kind aan voeding krijgt. In onze hersenen maken we verschillende boodschapperstoffen (neurotransmitters) aan die o.a. zorgen voor een snelle verwerking van het horen en zien. Die stoffen kunnen we alleen maken als we de juiste vitaminen en mineralen naar binnen krijgen. Daarom neemt de voeding ook een belangrijke plaats in het onderzoek in.

In totaal duurt een onderzoek waarbij (liefst beide) ouders en het kind aanwezig zijn ongeveer 2 ½ - 3 uur.

Uitleg en oefenschema bepalen.
De bevindingen van het onderzoek worden hierna met de ouders besproken.
Een schema van lichamelijke oefeningen wordt opgesteld naar aanleiding van de conclusies die uit het onderzoek naar voren zijn gekomen. Deze lichamelijke oefeningen dienen om bepaalde hersenactiviteiten te stimuleren of juist af te remmen. Het schema wordt heel nauwkeurig op uw kind afgestemd. Er wordt precies aangegeven hoeveel en hoe vaak een bepaalde oefening gedaan moet worden. Het aantal oefeningen dienen strikt opgevolgd te worden.
De oefeningen nemen ca. 10 minuten per dag in beslag.
Het oefen / trainingsprogramma dat wordt opgesteld is zeer persoonlijk. Het is dus absoluut af te raden om een broertje of zusje mee te laten oefenen.

Waar nodig worden er voedingsadviezen gegeven. Het opvolgen van de voedingsadviezen is noodzakelijk om het lichaam in een optimale staat te brengen en de hersenontwikkeling te bevorderen.

Begeleiding
Het is van groot belang dat de ouders regelmatig contact houden. Dit houdt in: minimaal elke 3 weken telefonisch of per e-mail mij op de hoogte brengen van de ontwikkelingen. Zodoende kunnen we scherp in de gaten houden of uw kind voldoende vorderingen maakt en kan het programma aangepast worden. Tevens krijgt u zo ondersteuning in het begeleiden van uw kind. Remedial teaching behoort ook tot de mogelijkheid.
Ook kunt u adviezen krijgen over schoolkeuzes, gesprekken die u moet voeren met leerkrachten en/of andere hulpinstanties enz.
Herhalingsbezoek
Gemiddeld vindt er na 3 maanden een herhalingsbezoek plaats. Tijdens dit bezoek wordt de lichamelijke stand van zaken weer bekeken, de ogen via de bioptortest en de oren via de audiometer.
Wanneer er een zodanige functie verbetering is behaald dat u tevreden bent, worden de oefeningen afgebouwd. Bij een goed functioneren zonder oefeningen wordt het programma afgesloten.